Nieuws

Governancecode Zorg geactualiseerd

Op 3 december 2021 heeft de algemene ledenvergadering van de Nederlandse ggz ingestemd met de geactualiseerde Governancecode Zorg. De ledenvergaderingen van ActiZ, NVZ, NFU en VGN waren al eerder akkoord gegaan. Hiermee is de herziene Governancecode Zorg 2022 een feit; deze geldt vanaf 1 januari 2022. Aanleiding voor de actualisering van de code zijn de evaluatie van de code, adviezen van de BoZ Governance innovatie- en adviescommissie (IAC) en nieuwe wetgeving.

De adviezen van het IAC over belangenverstrengeling en over de governance van samenwerkingsverbanden zijn verwerkt in de vernieuwde code. Voor toezichthouders zijn enkele bepalingen uit de code geschrapt omdat die nu opgenomen zijn in wetgeving.

Verder is veel explicieter aandacht besteed aan professionele zeggenschap. Hiermee wordt uitvoering gegeven aan een afspraak tussen V&VN, werknemersorganisaties en de brancheorganisaties in de zorg en de aanbevelingen uit het SER-rapport Aan de slag voor de zorg.

Naast de waarborgen die er waren, is in de code nu opgenomen dat de zorgorganisatie zorgt dat professionals invloed kunnen hebben op het beleid dat hen raakt in de dagelijkse beroepsuitoefening, maar ook dat ze betrokken worden bij de beleidskeuzes over ‘de zorg van morgen’.

Download:

Lees Meer

SER: vergroot waardering, ruimte en betrokkenheid van zorgmedewerkers

Zicht op een mooie loopbaan, ruimte voor opleiding en ontwikkeling, zeggenschap over het eigen werk én een goed salaris: het is allemaal belangrijk om voldoende, gemotiveerde en goed opgeleide zorgmedewerkers te hebben, nu en in de toekomst. Het SER-advies “Aan de slag voor de zorg, een actieagenda voor de zorgarbeidsmarkt” is duidelijk over waar de actie vandaan moet komen: de overheid, zorgverzekeraars, sectoren en branches, en zorgorganisaties en zorgmedewerkers zelf.

 

De SER heeft een agenda van vijf punten opgesteld. Daarbij geeft de SER op elk punt aanbevelingen op drie niveaus: overheid en zorgverzekeraars, sector en branches, en zorgmedewerkers en hun zorgorganisaties.

 

Professionele ruimte

Het eerste punt is professionele ruimte van en voor medewerkers. Dit vereist investeren in vertrouwen, het heroverwegen van interne regels en kwaliteitsrichtlijnen, en het verminderen van de regeldruk. Passende zorg is het uitgangspunt, daar hoort een zorgsysteem bij dat gebaseerd is op vertrouwen in en de autonomie van zorgprofessionals.

 

Scholing en ontwikkeling

Het tweede punt is de verbetering van mogelijkheden voor scholing, ontwikkeling en loopbaanperspectief. Zorgprofessionals moeten ruimte krijgen voor brede ontwikkeling, dus ook bijvoorbeeld persoonlijke ontwikkeling. In regionale leer- en loopbaannetwerken kan ontwikkeling buiten de eigen organisatie, zorgdomein of functie worden gestimuleerd. De overheid en zorgverzekeraars moeten dit faciliteren door geoormerkt geld vrij te maken.

 

Behoud van medewerkers

Het derde agendapunt is aandacht voor het behoud van medewerkers. Zorgorganisaties kunnen daaraan werken door de kwaliteit van stageplekken te verbeteren. Branche en sectoren kunnen regionaal gaan samenwerken om mogelijkheden te bieden waarmee zorgmedewerkers hun werk-privé balans beter kunnen bewaken. En van de overheid en zorgverzekeraars worden regelingen ter bekostiging gevraagd.

 

Waardering en zeggenschap

Het vierde punt is waardering van en zeggenschap voor de medewerkers. Aan medewerkers en hun werkgevers wordt aanbevolen om de professionele betrokkenheid en waardering van kennis en ontwikkeling te vergroten.

Delen van de zorg kennen historisch een lagere beloning dan het marktgemiddelde.

Om zicht te krijgen op deze verschillen is door de AWVN in opdracht van de BoZ een onderzoek uitgevoerd waarbij de salarisschalen in diverse cao’s binnen en buiten de zorg vergelijkbaar zijn gemaakt. De samenvatting van het rapport vindt u hier. Het integrale rapport wordt op verzoek aan u toegezonden.

De commissie adviseert structureel extra budget beschikbaar te stellen om te investeren in de beloningen in de zorg, in het bijzonder daar waar sprake is van een achterstand ten opzichte van de markt, zodat een vergelijkbaar niveau met de marktsector kan worden gerealiseerd.

De discipline van de zorgprofessional moet op het hoogste bestuurlijke niveau worden vertegenwoordigd binnen zorgorganisaties.  Zodat elementen als professionele ruimte, werkdruk, zeggenschap en ontwikkeling altijd worden meegenomen in het beleid van een zorgorganisatie.

 

Betrek zorgmedewerkers bij innovatie

Tot slot agendeert de SER de technologische en sociale innovatie. Bij de ontwikkeling van nieuwe technologie moeten zorgmedewerkers betrokken zijn om te waarborgen dat de technologie aansluit op hun werksituatie. Dat vereist ook aandacht van personeelsmanagers en bestuurders. Overheid en zorgverzekeraars moeten hierin de regie nemen, initiatieven bundelen en concrete doelstellingen formuleren.

 

Lees Meer

Focus op gedrag voor meer informatieveiligheid

Unieke aanpak biedt professionals praktisch handvat

Vorig jaar startte in opdracht van ActiZ, de Nederlandse ggz, NFU, NVZ en VGN, verenigd in de Brancheorganisaties Zorg (BoZ), en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport het project Informatieveilig gedrag in de Zorg. Belangrijkste doel is dat zorgorganisaties effectieve aanpakken voor gedragsverandering kennen en gebruiken voor hun belangrijkste informatieveiligheidsproblemen. Hiermee helpt het project zorgorganisaties bij hun opgave om de informatieveiligheid te verhogen. Om te komen tot praktische handvatten deed een projectteam onder begeleiding van ICTU in vier organisaties een pilot rondom een urgent informatieveiligheidsvraagstuk. Ze werkten daarbij vanuit een gedragswetenschappelijke basis en vulden dit aan met de ervaringen uit de praktijk. Theorie en praktijk zijn nu samengebracht in een praktische wegwijzer. Deze is hier vanaf nu gratis te downloaden. Belangrijkste advies: zoom in op het gedrag, zodat je gericht de benodigde acties kunt kiezen om je informatieveiligheidsprobleem op te lossen. 

 

Veel zorgorganisaties werken actief aan het voldoen aan de NEN 7510 en de AVG. Ook medewerkers spelen een cruciale rol in het veilig houden van gegevens. Daarom maken organisaties hun medewerkers bewust van de gevaren via awarenessprogramma’s en campagnes. Maar er is meer nodig dan alleen bewustwording. Willen organisaties de risico’s echt verkleinen en hun tijd en geld gericht inzetten? Dan doen zij er goed aan voortaan altijd per situatie in te zoomen op het gedrag, acties te kiezen die inspelen op dat gedrag en een effectmeting te doen. Dan wordt duidelijk of de acties effectief zijn en belasten zij hun (zorg)medewerkers niet meer dan nodig.

 

Innovatieve wegwijzer

Op basis van theoretische kennis uit de gedragswetenschap en de inzichten uit de praktijk van de vier organisaties ontwikkelde het projectteam van ‘Informatieveilig gedrag in de Zorg’ een innovatieve aanpak. Deze staat in de wegwijzer ‘Aan de slag met informatieveilig gedrag’. De Wegwijzer is een innovatieve, projectmatige aanpak specifiek voor de zorg waarmee organisaties zelf aan de slag kunnen gaan. De Wegwijzer biedt professionals een handvat om de opgaven rondom informatieveiligheid en privacy vorm te geven. De aanpak leidt een team stap voor stap door het proces en voorziet in tips, voorbeelden en handige formats. Dit resulteert in maatwerk oplossingen per organisatie.

 

Zelf aan de slag?

De organisaties die zelf aan de slag willen, kunnen de Wegwijzer hieronder direct gratis downloaden. Op termijn volgen nog extra ondersteunende hulpmiddelen voor de Wegwijzer-aanpak. Ideeën voor deze hulpmiddelen kunt u doorgeven via informatieveiligheidzorg@ictu.nl. Daar kunt u ook terecht met uw vragen over de inhoud van de Wegwijzer of de toepassing binnen uw eigen organisatie.

Download hier uw wegwijzer.

 

 

 

Lees Meer

Helderheid over uitgangspunten voor functiedifferentiatie verpleegkundigen

Werkgevers, werknemers en beroepsgroep zijn het eens geworden over de uitgangspunten voor gedifferentieerde inzet van verpleegkundigen. Zij hebben deze uitgangspunten verwoord in een gezamenlijk verklaring . Aanleiding vormde de discussie rond de wet BIGII en het advies daarover van Alexander Rinnooy Kan aan de minister van VWS. Met de verklaring maken partijen zich hard om samen met verpleegkundigen, vanuit het zorginhoudelijke perspectief en met carrièreperspectief voor alle verpleegkundigen, het beroep aantrekkelijker te maken en verdere professionalisering te bewerkstelligen.

Wet BIGII
In 2019 zorgde het wetsvoorstel BIG II – specifiek door opname van het beroep regieverpleegkundige en vooral de bijbehorende overgangsregeling – voor veel onrust onder verpleegkundigen. Deze onrust leidde ertoe dat het wetsvoorstel werd ingetrokken en Rinnooy Kan als verkenner werd aangesteld. Het advies van Rinnooy Kan luidde dat het doorvoeren van functiedifferentiatie primair een aangelegenheid is van werkgevers en werknemers. De toenmalige minister Bruno Bruins heeft met de verschillende partijen gesproken over de vervolgaanpak. Vanwege de coronacrisis heeft deze aanpak vertraging opgelopen.

Kansen
Werkgevers, werknemers en beroepsgroep bouwen op basis van de uitgangspunten verder aan de noodzakelijke ontwikkeling in het verpleegkundig domein om aan de continu veranderende zorgvraag te blijven voldoen. Dit vraagt een gedifferentieerde inzet van verpleegkundigen in functies, onder meer passend bij de kwaliteiten, ambities, ervaring en opleiding van het individu. Een gedifferentieerde inzet stelt eisen aan de vertegenwoordiging van het verpleegkundig perspectief in de zorgorganisatie, vraagt om draagvlak bij de beroepsgroep in de organisatie én om verpleegkundig leiderschap Verpleegkundigen worden, met name binnen de ziekenhuizen gezien als motor van de huidige én toekomstige zorg, met als hoofddoel het continu verbeteren van zorg.
Van groot belang is dat bij de toegang tot (nieuwe) functies niet alleen naar diploma’s wordt gekeken maar ook naar competenties, ervaring, talenten, wensen, ambities en motivatie van de betrokken verpleegkundigen.

Het Actiecomité wet BIG2 dat betrokken was bij het overleg, heeft als enige partij de verklaring niet ondertekend omdat ze deze niet ver genoeg vonden gaan.

Lees hier de verklaring

Lees Meer

Governancecode Zorg stevige impuls voor goed bestuur

Op verzoek van het ministerie van VWS heeft een onafhankelijk onderzoek plaatsgevonden naar de bijdrage van de Governancecode Zorg 2017 aan de kwaliteit van bestuur en toezicht in de zorg.  Uit het onderzoek blijkt dat de kwaliteit van bestuur en toezicht van zorginstellingen zich de afgelopen jaren heeft ontwikkeld in de richting die de code beoogt. De code heeft daarmee een serieuze bijdrage geleverd aan de verdere ontwikkeling van de professionalisering van bestuur en toezicht in de zorg.

Uit het onderzoek komt naar voren dat vrijwel alle zorgorganisaties goed bekend zijn met de code en vooral de ‘hardere’ codebepalingen, zoals het hebben van een klokkenluidersregeling, behoorlijk goed naleven. Er is ruimte voor het beter doorleven van de ‘zachtere’  bepalingen die gaan over waarden, cultuur en gedrag.
De geïnterviewde bestuurders en toezichthouders hechten sterk aan de code als vorm van zelfregulering. Verder zijn ze te spreken over het principle based karakter van de code.
De brancheorganisaties in de zorg stellen vast dat een stevige bijdrage is geleverd aan de professionalisering van bestuur en toezicht, maar zien ook uitdagingen en mogelijkheden voor verdere ontwikkeling en zullen de komende periode aan de slag gaan met de aanbevelingen uit het onderzoek.

Het onderzoek is uitgevoerd door Governance Support en maakt deel uit van een breder onderzoek naar de bijdrage van zelfregulerende maatregelen van de sector aan goed bestuur en toezicht in de zorg, dat op verzoek van het ministerie van VWS wordt uitgevoerd. De andere twee deelonderzoeken zijn uitgevoerd in opdracht van de NVZD en de NVTZ en kennen vergelijkbare uitkomsten. VWS zal in 2021 een meta-analyse uitvoeren op de drie rapporten en met een beleidsreactie komen.

Download hier het evaluatierapport.

Lees Meer

BoZ reageert op extra regels voor het interne toezicht

In februari 2020 heeft de Tweede Kamer de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) en de aanpassingswet Wtza (AWtza) aangenomen. In vervolg hierop heeft het ministerie van VWS een concept Uitvoeringsbesluit opgesteld en ter consultatie voorgelegd.

De Wtza introduceert een meldplicht voor alle zorgaanbieders die zorg verlenen op grond van de Wkkgz en jeugdhulp op grond van de Jeugdwet. Daarnaast introduceert de Wtza een vergunningsplicht voor zorgaanbieders.
In vervolg op beide wetsvoorstellen heeft VWS op 26 mei het concept Uitvoeringsbesluit Wtza ter consultatie gepubliceerd. Dit uitvoeringsbesluit benoemt uitzonderingen op zowel de meldplicht als de toelatingsvergunning.

Ook kent het besluit nadere (gedetailleerde) regels om de positie van het onafhankelijke interne toezicht te versterken. De BoZ is van mening dat VWS hiermee voor de troepen uitloopt omdat het debat over de balans tussen zelfregulering en wetgeving nog onvoldoende is gevoerd. Zo zet de Governancecode Zorg in op een open cultuur, waarin bestuurders en medewerkers zichzelf en elkaar aanspreken op gedrag. Dit zijn aspecten die zich niet bij wet laten regelen. Daarnaast willen we graag de uitkomsten van de evaluatie betrekken die op verzoek van VWS momenteel plaatsvindt over welke bijdrage de zelfregulerende maatregelen van de sector hebben geleverd aan de verdere professionalisering van bestuur en toezicht in de zorg.

Download hier de volledige BoZ-reactie.

Lees Meer

Oproep aan financiers en accountants om administratieve coronamaatregelen tevoorkomen

De branches in de zorg (BOZ) en gespecialiseerde Zorg voor Jeugd (BGZJ) hebben financiers en accountants van de zorg via een gezamenlijke brief opgeroepen om administratieve lasten ten gevolge van coronamaatregelen te voorkomen. Gewezen wordt op het gevaar dat verschillende financiers ieder hun eigen manier van afwikkeling en verantwoording kiezen, wat tot onzekerheid en een ingewikkeld en langdurig afwikkelings- en controleproces voor aanbieders zal leiden. De branches pleiten ervoor om de huidige situatie aan te grijpen om administratieve processen zoveel mogelijk te harmoniseren en versimpelen.

Lees Meer

Kabinet komt tegemoet aan verzoek zorgbranches inzake WAB maatregelen

De Zorgbranches hebben minister Koolmees verzocht de hoge WW premie als gevolg van extra werk boven de contractuele arbeidsduur, die op grond van de WAB regelgeving inzake premiedifferentiatie WW geldt, tijdelijk op te schorten. Het kabinet heeft besloten de zorg daarin tegemoet te komen. Tevens heeft het kabinet in overleg met sociale partners een aantal aanvullende WAB maatregelen genomen.

Lees Meer

Wetsvoorstel integere bedrijfsvoering

Het Kabinet is voornemens om in het wetsvoorstel over integere bedrijfsvoering bepalingen die nu nog in de Code staan, rechtstreeks in de wet op te nemen en van een nadere detaillering en normering te voorzien. Daarmee wordt beoogd de IGJ en NZa meer instrumenten in handen te geven om rechtstreeks hierop te kunnen handhaven.

Vanzelfsprekend dienen IGJ en NZa de instrumenten in handen te hebben die zij nodig hebben om hun publieke taak te kunnen vervullen. Daarbij is het echter van groot belang dat zelfregulering (via de Code) en wettelijke regulering complementair en met elkaar in evenwicht zijn.

De BoZ dringt er bij de bewindslieden van VWS op aan om in dialoog te gaan met het veld over een werkbaar en werkzaam evenwicht in wettelijke regulering en zelfregulering.

De BoZ signaleert ook dat strengere toelatingseisen veel kunnen bijdragen aan het voorkomen van fraude, excessen en onrechtmatige besteding van zorggeld. In dat licht pleit de BoZ voor strengere eisen aan de toelating voor nieuwe zorgaanbieders.

Lees hier de brief de BoZ hierover stuurde aan de leden van de Tweede Kamer.

Lees Meer

Boris van der Ham nieuwe voorzitter BoZ

Boris van der Ham, is sinds 1 januari 2020 de nieuwe voorzitter van de vereniging Brancheorganisaties Zorg (BoZ).
De BoZ is het samenwerkingsverband van ActiZ, GGZ Nederland, NFU, NVZ en VGN. Het voorzitterschap van de BoZ wordt afwisselend vervuld door de voorzitters van een van de aangesloten brancheorganisaties. Boris van der Ham is tevens voorzitter van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN). Hij is de opvolger van Jacobine Geel, die als voorzitter van GGZ Nederland het afgelopen jaar als interim voorzitter deze functie heeft vervuld.

Boris van der Ham is hiernaast bestuurder in het bedrijfsleven, cultuur en de media. Hij is bovendien schrijver, acteur en voorzitter van het Humanistisch Verbond.

Lees Meer